3e & 4e meedenk-avond (2 & 9 april 2026): analyse geluidsopnames m.b.v. AI

Context

De wijk Ramplaankwartier onderzoekt hoe ze van het aardgas af zou kunnen gaan. De gemeente Haarlem steunt dit.

Warmteoplossingen – Het projectteam (team Zonnewarmte) heeft onderzoek gedaan naar bodemlussen en pvt- standalone. In het document ‘Factsheets tbv 2e meedenkavond (23 mrt 2026)’ staan de uitkomsten van dit onderzoek, plus enkele andere warmteoplossingen. De factsheet bevat per oplossing de kenmerken, consequenties, voordelen en nadelen. 

Het gaat om de volgende warmteoplossingen

  1. technieken die onderzocht zijn door team Zonnewarmte:
    1. PVT standalone
    2. individuele lus, echt alleen
    3. individuele lus, samen met je buren in 1 boorgat
    4. DWM (collectieve bodemlus, optioneel met collectieve PVT)
  2. Overige technieken ter vergelijking
    1. lucht-water warmtepomp
    2. lucht-lucht warmtepomp (airco)

Meedenkgroep – 20 wijkgenoten vormen samen ‘de meedenkgroep’. Samen met het projectteam verdiepen zij zich grondig in de materie.

Avond 3

De derde avond lag de focus geheel op de collectieve bodemlus. Met als vragen:

  1. Voldoende deelnemers – Hoe krijgen we de neuzen dezelfde kant op? De grootste uitdaging is het behalen van een kritische massa (vaak 75% deelname) en het regelen van medewerking van niet-deelnemers.
  • Wervingsplan: Welke concrete stappen zetten we om buren enthousiast te maken?
  • Rolverdeling: Wat doen wij als bewoners zelf, en waar moeten de gemeente of Zonnewarmte professionele ondersteuning bieden?
  • Recht van overpad: Hoe zorgen we dat buren die niet meedoen, toch toestemming geven voor leidingen over hun grond?
  1. De Technische & Tijdsplanning: Isolatie – Een bodemlus werkt alleen optimaal bij goed geïsoleerde woningen. Niet iedereen is al zo ver.
  • Het Isolatiepad: Hoe zorgen we dat een hele groep huizen tegelijkertijd klaar is voor de aansluiting?
  • Tempo: Wat is een realistische termijn om dit gezamenlijk te regelen?
  • Begeleiding: Wie helpt de achterblijvers om hun isolatie op orde te krijgen?
  1. De Ruimtelijke Inpassing: Acceptatie – Zodra het plan technisch wordt, komt de apparatuur in het zicht.
  • Leidingen & Hubs: Wat zijn de harde voorwaarden (uiterlijk, plek, geluid, overlast) waaronder we akkoord gaan met de distributieleidingen en de verdeelstations (control hubs) in onze directe woonomgeving?

Avond 4

De vierde avond lag de focus geheel op de individuele oplossingen, en daarbinnen met name op het vraagstuk ‘ontzorgen’. Kernvragen van avond 4 waren:

  • Uit welke onderdelen bestaat volgens jullie de beste ontzorging voor de wijk? Denk hierbij niet alleen aan je eigen situatie maar dus ook aan de situatie van de afwezigen.
  • Welke onderdelen moet team Zonnewarmte volgens jullie absoluut aanbieden, en waarom? En welke onderdelen zijn ook goed om aan te bieden maar niet noodzakelijk?


Avond 3 & 4: analyse geluidsopnames m.b.v. AI

Op basis van de geluidsopnamen, de verstrekte factsheets en bovenstaande context en vragen, is hier een uitgebreide lijst van inzichten gemaakt.

Bij deze analyse is nadrukkelijk rekening gehouden met verschillende persona’s: van de enthousiaste, welvarende ‘early adopter’ met tijd, tot de pragmatische oudere bewoner, de sceptische afwachter, en bewoners met kleine woningen of krappe budgetten.

Inzichten, compact:

1. Voorkeuren voor Warmtetechnieken

Er is een duidelijke verschuiving zichtbaar in de voorkeuren van de meedenkgroep naarmate de informatievoorziening vordert:

  • Collectieve Bodemlus als Favoriet: Na diepgaande gesprekken is de collectieve bodemlus de meest populaire optie. Bewoners waarderen de stabiliteit in de winter, het hoge rendement (SCOP) en de lange levensduur van de bron (50 jaar).
  • PVT Stand-alone als Fallback: Voor bewoners die volledige onafhankelijkheid van buren wensen, is PVT stand-alone de belangrijkste individuele keuze.
  • Afwijzing Lucht-Water Warmtepomp: Hoewel financieel aantrekkelijk door lagere opstartkosten, wordt deze techniek breed afgekeurd vanwege de vrees voor gecumuleerde geluidsoverlast (“gierende units”) in de wijk.

2. Doorslaggevende Factoren voor Bewoners

De motivatie van bewoners verschilt van de officiële projectdoelen:

  • Ontzorging is heel belangrijk: Hoewel CO2-reductie officieel als doel #1 is gekozen, geven bewoners in gesprekken toe dat grote mate van ‘ontzorging’ (geen gedoe met installatie, beheer en onderhoud) en financiële haalbaarheid feitelijk de doorslag geven.
  • Financiële Prikkels: De initiële investering (Basis Aansluit Kosten of BAK) is de grootste drempel. Er is een sterke wens om deze kosten te verwerken in de maandlasten, zodat bewoners geen eigen spaargeld of leningen hoeven aan te spreken.
  • Bewijs in de Wijk: Er is een enorme behoefte aan een ‘Modelblok’ in de eigen wijk. Theorie is niet meer genoeg; men wil met eigen ogen zien hoe groot de installaties zijn en bewijs dat de techniek “tried and tested” is.

3. Harde Randvoorwaarden en Afhankelijkheden

Het succes van een collectieve aanpak hangt af van complexe factoren:

  • De Isolatie-Horde: Woningen moeten minimaal label C (schilindicator 70) bereiken voordat ze kunnen aansluiten. Dit moet in een blok ongeveer gelijktijdig gebeuren, wat bewoners afhankelijk maakt van de acties van hun buren.
  • De 75%-Grens: Voor een collectieve bodemlus moet minimaal 75% van een huizenblok meedoen om het rendabel te maken.
  • Recht van Overpad: De acceptatie van distributieleidingen die over daken of door tuinen van niet-deelnemende buren lopen, is een kritieke afhankelijkheid.
  • Grootverbruikersaansluiting: Collectieve systemen hebben een centrale stroomaansluiting nodig voor minimaal 40 woningen om te kunnen profiteren van voordelige groothandelstarieven.

4. Overkoepelende Dilemma’s en Inzichten

Er spelen verschillende psychologische en praktische spanningen in de wijk:

  • Het Prisoner’s Dilemma: Veel bewoners willen pas instappen als ze zeker weten dat de rest van het blok meedoet en het risico van de ‘vroege vogel’ gedekt is.
  • Esthetiek vs. Praktisch Nut: Leidingen aan de voorzijde worden als zeer lelijk ervaren, zeker bij het beschermd stadsgezicht. Er is een sterke voorkeur voor wegwerking via de achtergevel of achtertuinen.
  • Senioren en Leningen: Voor bewoners van 70-80+ is een langlopende lening of grote investering een “psychologische no-go”, omdat zij verwachten niet lang genoeg in de woning te blijven om de vruchten ervan te plukken.
  • VvE-vrees: Er is grote angst voor “gedoe met buren” en complexe juridische constructies; men wil de lusten van het collectief, maar de autonomie van een individueel systeem.

5. Behoeften vanuit de Wijk aan Zonnewarmte en Gemeente

  • Energiecoaches: Onafhankelijke, lokale coaches worden gezien als dé manier om het “gedoe” rondom isolatie te overzien en bewoners over de streep te trekken.
  • Dwingende Duidelijkheid: Er is behoefte aan een “harde datum” van de gemeente waarop het gas stopt, om urgentie te creëren en uitstelgedrag te voorkomen.
  • Vaste Aannemers: Om wachttijden te voorkomen en gelijktijdigheid te garanderen, wordt gesuggereerd dat het project vaste aannemers voor de hele wijk contracteert.

6. Ontzorging bij Individuele Oplossingen

Bij individuele oplossingen weegt een goede begeleiding heel zwaar. De meedenkgroep benoemt de volgende aandachtspunten:

  • De Vergelijker & Het Stappenplan: Bewoners willen een overzichtelijke tool die, op basis van hun specifieke woning, maximaal twee of drie gepersonaliseerde opties biedt, inclusief heldere kosten, ruimtelijke impact en een duidelijke planning.
  • De Onafhankelijke Bouwbegeleider: Een expert of ‘maatje’ vanuit Zonnewarmte die toezicht houdt op aannemers, de kwaliteit controleert en de bewoner beschermt tegen fouten en onterecht meerwerk.
  • Raamcontracten met Kwaliteitscontrole: Collectieve inkoop bespaart de stress van offertes vergelijken. Voorwaarde is wél dat contracten (bijv. elke 2 jaar) worden herzien om aannemers scherp te houden en prijsopdrijving (‘meerwerk’ bij de schouw) te voorkomen.
  • Energieadvies per Blok: In plaats van individueel advies wordt een collectief energieadvies per huizenblok voorgesteld, om direct een gevoel van gezamenlijkheid te creëren.

Inzichten, uitgebreider:

1. De Grote Dilemma’s en Afwegingen (De Rode Draad)

Uit de gesprekken komen enkele dilemma’s naar voren die bepalend zijn voor de uiteindelijke keuzes van bewoners in de wijk.

  • Onafhankelijkheid versus Collectiviteit (Idealisme vs. Burenruzie): Bewoners willen graag de financiële en efficiëntievoordelen van een collectief systeem, maar zijn tegelijkertijd erg terughoudend om afhankelijk te zijn van hun buren. Er heerst een sterke angst voor “VvE-achtige ellende”, conflicten over isolatiegraden, en weigerende buren. Individuele oplossingen bieden onafhankelijkheid, maar zijn veel duurder en hebben meer impact op de eigen woning en tuin.
  • Het “Prisoner’s Dilemma” en de roep om een Modelblok: Bewoners willen best instappen in een collectieve bodemlus, maar passen ervoor om het financiële risico van de ‘vroege vogel’ te dragen. Men doet pas mee als zeker is dat de buren ook meedoen en het systeem bewezen werkt. De tip om deze impasse te doorbreken is de realisatie van een tastbaar “modelblok” in de eigen wijk: als één stratenblok succesvol draait, volgen de rest van de wijk en de buren makkelijker.
  • Ontzorging en Geld winnen het van CO2-reductie: Hoewel maximale CO2-reductie in theorie als hoogste projectdoel werd gekozen, blijkt in de praktijk dat geld en ‘ontzorging’ de daadwerkelijke doorslag geven. Bewoners willen het liefst dat een professioneel warmtebedrijf (zonder winstoogmerk) alles installeert, financiert en beheert.
  • Nu instappen versus Wachten (Het Slow-Adapter Dilemma): Veel bewoners aarzelen om zich voor 30 jaar vast te leggen aan dure systemen, uit angst dat technieken (zoals PVT) binnen 15 jaar zijn ingehaald door betere innovaties (zoals waterstof of efficiëntere panelen). Mensen met een relatief nieuwe ketel of hybride pomp willen de afschrijvingstermijn (vaak zo’n 15 jaar) afwachten voordat ze aanhaken.
  • De “Onrendabele” Kleine Woning en Ouderdom: Voor bewoners in kleine, goed geïsoleerde woningen met een laag gasverbruik (300-1000 kuub) is momenteel elke nieuwe techniek duurder dan aardgas, waardoor de economische stimulans ontbreekt. Daarnaast is voor veel oudere bewoners (70-plussers) een grote langlopende lening van bijvoorbeeld €23.000 een psychologische “no-go”, zelfs als het gaat om een 0% lening via het Warmtefonds.

2. Voorkeuren voor Warmteoplossingen

Na discussie in de Meedenkgroep zijn de meningen opgeschoven. Uit de keuzepoll bleek dat het aantal twijfelaars afnam en er een duidelijke tweedeling ontstond tussen de collectieve bodemlus (van 4 naar 7 voorkeursstemmen) en PVT stand-alone (van 3 naar 5 voorkeursstemmen).

  • Collectieve Bodemlus: Dit systeem geniet grote voorkeur, mits er genoeg buren meedoen. Voordelen zijn de zeer stabiele warmte (uitstekende seizoens-COP in de winter), de lange levensduur (50 jaar) en de ontzorging met de laagste maandlasten via een warmtebedrijf. Nadelen zijn de grote organisatorische complexiteit, de benodigde binnenruimte voor het boilervat, en weerstand tegen het openbreken van tuinen voor boorinstallaties.
  • PVT Stand-alone: Dit is de uitwijkoptie voor wie onafhankelijk wil blijven van buren en complexe juridische constructies. Het is een bewezen techniek die snel te realiseren is en geen buitenunit heeft die geluid maakt. Nadelen zijn de hoge eenmalige investering (€26.800), esthetische bezwaren (panelen op het dak, buizen in huis) en een matige COP-waarde in de wintermaanden, wanneer er dus alsnog veel dure stroom moet worden ingekocht. Ook de kortere levensduur van 15 tot 20 jaar in vergelijking met een bodemlus voelt voor sommigen als een mindere investering.
  • Lucht-Water warmtepomp / Airco: Ondanks lagere opstartkosten en individuele controle, stuiten deze technieken op zware weerstand vanwege angst voor geluidsoverlast (“gierende” buitenunits in de winter) en mogelijke burenruzies die hierdoor ontstaan.

3. Harde Randvoorwaarden en Afhankelijkheden

Om een collectieve oplossing zoals de bodemlus van de grond te krijgen, benoemt de Meedenkgroep enkele kritische succesfactoren en afhankelijkheden:

  • Financiële Prikkels (Wegnemen initiële drempel): De eenmalige “Basis Aansluit Kosten” (BAK) vormen mogelijk een groot obstakel. Een voorwaarde voor succes is de mogelijkheid om deze hoge instapkosten volledig te vertalen naar een overzichtelijk maandbedrag, zodat men geen spaargeld of grote leningen hoeft aan te spreken.
  • Gelijktijdig Isoleren en Energiecoaches: Een basisvoorwaarde voor een warmtepomp is dat woningen goed geïsoleerd zijn (minimaal label C). Dit is zeer lastig per blok te coördineren. De aanbeveling hiervoor is de inzet van onafhankelijke, lokale energiecoaches die bewoners thuis adviseren en een behapbaar stappenplan maken. Daarnaast wordt sterk aanbevolen om vanuit het project vaste “wijk- of blokaannemers” te contracteren, zodat buren gezamenlijk kunnen inkopen en niet op lange wachtlijsten belanden.
  • Esthetiek en Inpassing van Distributieleidingen en Blokkasten:
    • Leidingen: Leidingen aan de voorgevel worden in verband met het “beschermd stadsgezicht” en “kleine schattige huisjes” als onacceptabel gezien. Men heeft een sterke voorkeur voor aanleg via de achtergevel of horizontaal gestuurd boren (ondergronds) om de tuinen en het straatbeeld te sparen. “Recht van overpad” vormt een juridisch mijnenveld als één buurman dwarsligt.
    • Blokkasten (Control hubs): Tot verrassing is hier relatief veel acceptatie voor, mits ze creatief en onopvallend in de openbare ruimte worden ingepast, bijvoorbeeld vermomd als straatmeubilair, begroeid met planten of verwerkt als rugleuning van een bankje. Enkelen staan ook open voor kasten in de voortuin, mits geluidsvrij en goed weggewerkt. Er is de wens om kasten zo veel mogelijk te centraliseren om verrommeling van de straat te voorkomen.
  • Dwang, Urgentie en Makelaars: Veel meedenkers stellen dat puur idealisme niet genoeg is en er dwingende duidelijkheid (een “harde datum” voor gasafsluiting) vanuit de gemeente nodig is om twijfelaars over de streep te trekken. Ook is het essentieel om lokale makelaars in te schakelen, zodat nieuwe bewoners vóór een verbouwing al geïnformeerd worden over verwarming- en isolatievereisten.
  • Visuele Communicatie: Een folder is onvoldoende. Mensen willen in 3D-modellen of video’s graag “voor, tijdens en na” beelden zien. Ze willen precies weten hoe dik de leidingen in de woonkamer worden, en hoe de tuin en straat eruit komen te zien.

4. Aanvullende Financiële en Juridische Inzichten

  • Waardevermeerdering van het huis: Er leven duidelijke vragen of deze grote investeringen zich wel 1-op-1 vertalen in een hogere verkoopprijs van de woning. Er is ook de vraag of een lopende lening (zoals bij het warmtefonds) overdraagbaar is naar de volgende koper, of verplicht afgelost moet worden uit de overwaarde.
  • Buren financieel compenseren of ‘uitkopen’: Als één weigerende buurman de realisatie in een blok tegenhoudt, wordt er geopperd om deze buurman financieel te compenseren om toch recht van overpad te verlenen door de tuin. Ook wordt als creatieve (maar voor sommigen ongemakkelijke) optie genoemd dat welwillende buren een deel van de energierekening van de weigeraar overnemen of een hogere maandlast dragen, om zo het project toch vlot te trekken.
  • Besparing op 3-fasen aansluiting (Meterkast): Een onverwacht voordeel van de collectieve bodemlus met blokkasten is dat de huizen zelf geen verzwaring naar een 3-fasen aansluiting in de meterkast nodig hebben. De elektriciteit voor de warmtepomp loopt in deze oplossing namelijk via de centrale buitenkast, wat individuele kosten en gedoe met netbeheerders scheelt.

5. Aanvullende Technische en Praktische Zorgen

  • Hoop op Waterstof: Hoewel niet de meerderheid, zijn er bewoners die de ‘kat uit de boom kijken’ in de hoop dat er in de komende jaren duurzame waterstof door de bestaande gasleidingen gaat stromen. Dit zou een verbouwing schelen en vormt een excuus om nu nog niet te beslissen.
  • Ongelijke isolatie zorgt voor ongelijke boorkosten: Er heerst bezorgdheid over een blokaanpak waarbij buurman A veel beter geïsoleerd is dan buurman B. De bron moet dan dieper geboord worden om ook in de warmtevraag van buurman B te voorzien. Dit roept de vraag op wie die extra boormeters gaat betalen, want de kosten zomaar evenredig delen voelt dan onrechtvaardig.
  • Aanleg van ‘Wachtbuizen’ (Loze leidingen): Om de vroege vogels tegemoet te komen en ‘laatkomers’ niet in de weg te zitten, wordt de optie genoemd om alvast loze leidingen in de straat of grond te leggen. Mensen van wie de gasketel nog 10 jaar mee moet, kunnen dan later alsnog aanhaken zonder dat alles weer open hoeft.
  • Horizontaal (Gestuurd) Boren als redmiddel: Om tuinen en het beschermde stadsgezicht te ontzien, wordt horizontaal gestuurd boren ondergronds vanaf de straat (vergelijkbaar met glasvezel) meerdere keren aangedragen als ideale methode.
  • Ventilatie wordt vergeten: Mensen wijzen erop dat bij het grondig isoleren van oudere woningen ook het aanleggen van mechanische ventilatie (zoals WTW) verplicht of noodzakelijk wordt. Dit vergt nóg meer binnendoor-verbouwingen en ruimte.
  • Focus op de Winter-SCOP: Bewoners doorzien dat een gemiddeld jaarrendement (SCOP) van systemen als PVT vertekenend kan werken. Men vraagt duidelijkheid over het specifieke rendement in de winter. Omdat dán de warmtevraag het grootst is en zonnepanelen het minst opleveren, vreest men in de winter alsnog de hoofdprijs voor stroom te betalen.
  • Hybride als tijdelijk compromis: Voor woningen of blokken die de isolatiegraad voorlopig echt niet gaan halen, oppert iemand kort een hybride warmtepomp als tussenstap, al wordt dit door anderen meteen afgeraden omdat dit een gevaarlijke afleiding van het ‘van het gas af’ doel is.

6. Aanvullende Inzichten in Psychologie en Communicatie

  • Geen “Klimaatmissionaris” spelen: Er is sterk de behoefte om buren enthousiast te krijgen zonder als een betweterige of politiek gekleurde dominee over te komen. Men raadt aan om aan te sluiten op concrete behoeftes (zoals comfort, ontzorging of kostenbesparing) in plaats van idealistische CO2-praatjes.
  • Autoriteit inzetten (Gemeente vs. Buurman): Soms is een buurman simpelweg niet de juiste afzender om iemand te overtuigen. Het inzetten van ‘autoriteit’, zoals een bezoek of brief direct vanuit een wethouder of gemeentemedewerker, maakt bij veel bewoners meer indruk en straalt meer urgentie uit.
  • Buurtfeesten en ‘Block Parties’: Er wordt geconcludeerd dat zware, serieuze informatieavonden vaak alleen the “usual suspects” trekken. Om de grote zwijgende massa en twijfelaars in de wijk te betrekken, wordt geopperd om sfeer, eten en muziek in te zetten (“block parties”).
  • Wantrouwen door trauma’s uit het verleden: Scepsis naar tijdlijnen komt niet uit de lucht vallen. Meerdere bewoners benoemen trauma’s rondom eerder mislukte collectieve projecten (zoals stroperig funderingsherstel of gestrande WKO-projecten). De angst is groot om weer jarenlang vruchteloos te vergaderen of handtekeningen te moeten jagen.

7. Overige Operationele Inzichten

  • Korting voor de ‘Kast-in-de-tuin’: Hoewel de locatie van controlekasten gevoelig is, stelt men dat als een bewoner zich ‘opoffert’ om de kast in zijn voortuin of op zijn erfgrens te dulden, daar wel een vorm van financiële compensatie of korting tegenover mag staan.
  • De ‘Startmotor’ van 40 woningen: Een belangrijk praktisch inzicht is dat een warmtebedrijf pas rendabel de deuren in de wijk kan openen (de zogenaamde startmotor) als er minimaal 40 woningen instappen. Dit is nodig om de dure grootverbruikersaansluiting bij Liander te kunnen betalen, pas daarna kunnen individuele straatblokken goedkoper aanhaken.

8. De Organisatie van Ontzorging

  • De ‘Total Makeover’ versus de ‘Controlefreak’: Er bestaat een brede wens voor een “Total Makeover” concept: een totaalpakket waarbij bewoners virtueel op een knop drukken (“isoleer mijn huis en installeer de warmteoplossing”) en er verder geen omkijken meer naar hebben, liefst terwijl ze op vakantie zijn. Toch benadrukken anderen dat zij juist wél elke spijker in de muur willen zien gaan en controle willen behouden. Goede ontzorging moet daarom modulair zijn: optioneel het proces deels of geheel uit handen nemen voor wie dat wil.
  • De ‘Vergelijker’ en een Helder Stappenplan als Basis: Bewoners verdwalen in de brij van beschikbare warmtepompen en mogelijkheden. Een randvoorwaarde is de komst van een ‘Vergelijker’: een tool of dienst die per specifiek woningtype (of straat) de beste 2 of 3 opties voorschotelt. Dit moet gepaard gaan met een concreet stappenplan en een tijdslijn, waarin feitelijk wordt weergegeven wat de verbouwing betekent, welke partij het uitvoert, wat de financiële impact is en wat de ruimtelijke impact binnenshuis is.
  • De Noodzaak van een Onafhankelijke Bouwbegeleider (Het ‘Maatje’): Tijdens de installatiefase vrezen bewoners dat ze zonder technische kennis zijn overgeleverd aan de grillen van de aannemer. Er is een wens voor een bouwbegeleider, toezichthouder of expert (‘een maatje’) vanuit Zonnewarmte. Deze persoon spreekt de taal van de aannemer, vangt discussies over meerwerk op, en controleert of er duurzaam en betrouwbaar wordt gewerkt.
  • Raamcontracten, Collectieve Inkoop en het ‘Meerwerk-trauma’: Het projectteam moet betrouwbare partijen selecteren via raamcontracten, zodat bewoners niet zelf offertes hoeven aan te vragen en te beoordelen. Tegelijkertijd wordt er gewaarschuwd dat aannemers die bij zulke bulkdeals de winst soms alsnog terughalen via ‘meerwerk’ tijdens de schouw. Om dit te voorkomen pleit de meedenkgroep ervoor om contracten bijvoorbeeld elke één of twee jaar te herzien of opnieuw aan te besteden, zodat de concurrentie en prikkel voor kwaliteit behouden blijft. Grote kortingen via collectieve inkoop wordt in de huidige, oververhitte markt overigens als een illusie gezien; de focus moet liggen op eerlijke prijstransparantie, betrouwbare levering en inbegrepen onderhoudscontracten.
  • Energieadvies per Blok in plaats van Individueel Een vernieuwend inzicht om bewoners mee te krijgen is het ‘blok energieadvies’. Door de isolatie-ingangseis en het energieadvies niet per individueel huis te bekijken, maar als gezamenlijk blok, ontstaat er vanaf fase 1 al samenwerking en betrokkenheid tussen buren.
  • Financiën: Solidariteit, Koplopers en Schaarste De meedenkers opperen om het beschikbare subsidiebudget niet in te zetten om het proces nog verder te ‘ontzorgen’, maar juist als extra financiële beloning voor de ‘koplopers’ die in de beginfase het risico nemen en hun nek uitsteken. Daarnaast pleit men er strategisch voor om schaarste te creëren met de subsidies: vertel bewoners dat de pot leeg raakt en speel in op de ‘verliesaversie’ om uitstelgedrag en wachten-op-de-buurman te doorbreken. Tot slot werd nadrukkelijk gevraagd om goede financiële begeleiding of een vorm van solidariteit voor oudere bewoners en bewoners met een kleine beurs.

SpaarGas in het nieuws

Een leuke selectie van SpaarGas-Ramplaankwartier ‘in het nieuws’.   Nieuwsbericht over SpaarGas in HRLM editie 67, april 2020   Nieuwsbericht over SpaarGas in Technisch Weekblad

Lees verder »

Temperatuurfoto’s

Temperatuurfoto’s: wat kunnen die mij vertellen over mijn huis Temperatuurfoto’s worden gemaakt met een infraroodcamera. De plekken op de gevel waar veel warmte weglekt zijn

Lees verder »

Update 12 mei 2023

Hoe staat het project ervoor? pilot inkoop PVT en warmtepomp Het zonnewarmteproject vordert gestaag. In deze nieuwsflits een update over de pilotronde inkoop PVT-panelen en

Lees verder »

cft-topic-template

oops found 3 categories. Expect 1